Skip to content

Overflow

Jip Claassens edited this page Apr 13, 2026 · 1 revision

Overflow is het mechanisme waarmee het model omgaat met regionale claims die niet volledig kunnen worden gerealiseerd op het schaalniveau waarop ze oorspronkelijk zijn gespecificeerd. Wanneer de beschikbare en geschikte ruimte in een regio ontoereikend is om de volledige claim te herbergen, worden de resterende claims overgeheveld naar een hoger regionaal schaalniveau.

Wanneer treedt overflow op?

Overflow treedt op wanneer na alle iteraties binnen een sector-allocatieregio-combinatie nog restclaims overblijven. Dit kan verschillende oorzaken hebben:

  • De regio heeft onvoldoende beschikbare locaties (te veel restricties)
  • De beschikbare locaties zijn onvoldoende geschikt (alle geschiktheden onder de drempel)
  • De dichtheden zijn te laag om de claims binnen de beschikbare ruimte te realiseren
  • Eerdere sectoren hebben de beschikbare ruimte al ingenomen

Hoe werkt overflow?

De allocatie per sector wordt uitgevoerd op meerdere regionale schaalniveaus, van fijn naar grof. De volgorde is gedefinieerd in VariantParameters/SectorAllocRegio (zie Tijdsdynamiek). Bijvoorbeeld voor wonen:

  1. Eerst op NVM-regioniveau
  2. Daarna op provincieniveau

Na de allocatie op NVM-niveau worden per NVM-regio de restclaims bepaald: het verschil tussen de oorspronkelijke claim en het gerealiseerde aantal woningen (of banen, MW, etc.). Deze restclaims worden geaggregeerd naar het volgende schaalniveau (provincie) en daar opnieuw gealloceerd.

Op provincieniveau zijn meer locaties beschikbaar (de provincie omvat meerdere NVM-regio's), waardoor restclaims uit krappe NVM-regio's kunnen worden opgevangen door locaties in ruimere NVM-regio's binnen dezelfde provincie. Het model houdt hierbij de sectorvolgorde in stand: er wordt niet teruggegaan naar een eerder gealloceerde sector.

Implicaties

Overflow heeft een aantal belangrijke implicaties:

Ruimtelijke verschuiving: claims die op lokaal niveau niet passen worden regionaal herverdeeld. Dit betekent dat de resultaten op NVM-niveau kunnen afwijken van de oorspronkelijke claims uit Tigris XL, terwijl op provincieniveau de totalen beter overeenkomen.

Padafhankelijkheid: wanneer het model per zichtjaar doorrekent (AlleenEindjaar = FALSE), kan overflow in een vroeg zichtjaar ertoe leiden dat locaties worden benut die in een later zichtjaar niet meer beschikbaar zijn. De volgorde waarin zichtjaren worden doorlopen beïnvloedt daarmee het eindresultaat.

Signaalfunctie: substantiële overflow is een signaal dat de regionale claims, de restrictieconfiguratie of de dichtheidsinstellingen bijstelling behoeven. De claimrealisatie-indicatoren (Indicatoren/ClaimRealisatie) maken het mogelijk om per regio en per subsector te monitoren in welke mate claims zijn gerealiseerd.

Relatie met sequences

Overflow verschilt van het sequence-mechanisme. Bij overflow gaat het om restclaims die op een fijner schaalniveau niet konden worden gerealiseerd en worden overgeheveld naar een grover niveau. Bij sequences gaat het om verdringing: actoren die door een latere sector van hun locatie zijn verdrongen en in een volgende doorloop opnieuw moeten worden gealloceerd. Beide mechanismen kunnen in dezelfde modelrun voorkomen.

Configuratie

De gebruiker bepaalt:

  • Op welke schaalniveaus de allocatie per sector plaatsvindt (via SectorAllocRegio)
  • Of en welke schaalniveaus als overflow-niveaus dienen (door meerdere regels per sector in de Text-tabel op te nemen)
  • Of een sector in latere sequences opnieuw wordt doorlopen bij verdringing (UseInLaterSequences)

Claims die na het grofste schaalniveau nog niet zijn gerealiseerd, blijven als onvervulde claims staan en worden gerapporteerd in de claimrealisatie-indicatoren.

Clone this wiki locally